Home Verslagen Partijen Leden Login

Winterkampioen

Wij zijn de beste.

Niet alleen van Amsterdam. We zijn ook de beste van Leon Rahimi. En de beste van Nico Louter. En van Eric Roosendaal. En Marcel Laarhoven. En Michiel Harmsen, Paul-Peter Theulings, Sander Los en Stan van Gisbergen. En dus van de hele wereld.

Het zal nog epischer worden, want we mogen nog tegen beide Caïssa’s, die op hun onderlinge wedstrijd en een 4-4 tegen VAS na ook nog foutloos zijn. Maar dat is dus op dingen na foutloos. Wij zijn op niks na foutloos.

Ook vanavond niet. Mede mogelijk gemaakt door de bezielende begeleiding van Wedstrijdleider Stefan (die hoofdletter W is alleen voor de allergrootsten) en de mentale steun van Voorzitter Joël de Vrij.

Al snel maakte Max er 1-0 van door na 4 zetten een pion te winnen. Zijn tegenstander zal het wel een gambiet noemen. Ik niet. Voor een gambiet moet er compensatie zijn. Oh en LPDO.

De 2-0 kwam op naam van Jeroen. Hij zette druk en de opponent bezweek. Schaken kan zo simpel lijken als superschuiver Schoonaker het doet.

En dan telt elk halfje natuurlijk mee richting de overwinning. Kart en Christopher contribueerden kalmpjes omdat dat allicht aangenaam zou allitereren en omdat 3-1 een solide stand is. Overigens kon Chris überhaupt niet verliezen. Ik zei een week geleden: “Chris, Sander speelt altijd met zwart aan een hoog bord, dus bereid vooral voor op hem.” Vanavond: “Zo, voorbereid op Sander?” en de rake respons bevond zich in de trant van “Nee. Ik kom namelijk altijd goed te staan tegen zijn gekke d6-systeempjes. Als hij meteen op -1 wil en dan gaan prutsen, dan is dat echt helemaal zijn probleem.” Soms is voorbereiding met name mentaal, dat blijkt maar weer.

Vermoedelijk omdat de Amstelveners aan het omvallen waren bij Amsterdamse Bosjes liet Jan ze op 3-2 komen, want het moet natuurlijk wel spannend blijven. Dat werd het nauwelijks, want wij zijn de beste. Walt mieterde al zijn stukken naar voren, waaronder een ram van een ros op d4, en dan is de boel bekeken. De afronding mocht er wezen, tussenstand 4-2 en het eerste matchpunt was binnen.

Florian vroeg zich ondertussen tegen CMPP terecht af: “Wat doet-ie?” Het antwoord was vermoedelijk: met voordeel uit de opening komen en daarna niet meer geïnteresseerd zijn in de uitkomst want na de opening was er toch voordeel? Maar een partij heeft gelukkig ook een midden- en eindspel, waarin Vader Jacobs mooi gebruik maakte van het bijvoeglijk naamwoord “bruusk” en zich achteraf nog afvroeg: “Wie is een CM!?” Tussenstand 5-2 en de winst was zeker.

Dat kwam goed uit, want ik had K+T vs K+T+g-pion+h-pion, wat Stan nota bene met Dvoretsky’s Endgame Manual bleek te hebben bestudeerd. Ik heb het boek ook op de plank, maar verre van uit. Veel te ingewikkeld. Heb al moeite met röntgenschaakjes. Stan wist dat bij pionnen op h5 en g6, torens op h3 en h7 en koningen op g8 en a1 de enige zet Kb2 is en bij dezelfde stelling met een toren op g3 alleen Ka2 wint. Maar beide stellingen kwamen niet op het bord, dus fok Dvoretsky’s Endgame Manual. En gelukkig heeft Stan kennelijk ook nog wel eens moeite met röntgenschaakjes. Gelukkig had hij zijn toren netjes gedekt op h7 staan, dus kostte het hem niet het gehele punt. Dat was gortig geweest. Eindstand 5,5-2,5.

Wij zijn Paard d4.

Reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!